10 tuchtuitspraken tegen bedrijfsartsen die je moet kennen
10 tuchtuitspraken tegen bedrijfsartsen die je moet kennen
Veel mensen denken dat een tuchtklacht tegen een bedrijfsarts zinloos is. “Het haalt toch niets uit.” “Artsen beschermen elkaar.” “Het is mijn woord tegen dat van de arts.”
Dat klopt niet. Tuchtklachten tegen bedrijfsartsen worden regelmatig gegrond verklaard. Het tuchtcollege legt waarschuwingen, berispingen en soms zelfs schorsingen op.
Hieronder beschrijf ik tien categorieen van situaties waarin tuchtklachten tegen bedrijfsartsen regelmatig worden toegewezen. Voor elke categorie leg ik uit wat de professionele norm is en waarom schending ervan tot een gegronde klacht leidt. Je kunt op tuchtrecht.overheid.nl zoeken naar concrete uitspraken in elk van deze categorieen.
1. Onvoldoende medisch onderzoek
De bedrijfsarts oordeelt over je arbeidsgeschiktheid, maar doet dat zonder je fatsoenlijk te onderzoeken. Geen lichamelijk onderzoek, geen doorvragen, geen aandacht voor je klachten. Het gesprek duurt tien minuten en de conclusie staat al vast.
De norm: Een bedrijfsarts moet een oordeel baseren op deugdelijk onderzoek. Dat betekent: luisteren naar de klachten, relevant medisch onderzoek verrichten, en alle beschikbare informatie meewegen. Een oordeel zonder voldoende onderzoek is onzorgvuldig.
2. Niet doorverwijzen naar een specialist
Je hebt klachten die buiten de expertise van de bedrijfsarts vallen, maar de arts verwijst niet door. Of je vraagt zelf om een verwijzing, maar die wordt geweigerd. Ondertussen wordt er een oordeel geveld op basis van onvolledige informatie.
De norm: Een bedrijfsarts moet erkennen waar zijn of haar expertise ophoudt. Bij twijfel over de diagnose of bij klachten die nader specialistisch onderzoek vereisen, hoort de arts door te verwijzen of informatie op te vragen bij de behandelend arts. Niet doorverwijzen terwijl dat wel nodig is, is een schending van de zorgplicht.
3. Schending van je privacy
De bedrijfsarts deelt medische informatie met je werkgever die vertrouwelijk had moeten blijven. De werkgever weet ineens wat je diagnose is, welke medicijnen je slikt, of wat je in het gesprek hebt verteld.
De norm: Een bedrijfsarts mag aan de werkgever alleen melden wat noodzakelijk is voor de re-integratie: welke beperkingen je hebt, hoeveel uur je kunt werken, en welk soort werk je kunt doen. De arts mag geen diagnose, behandeling of andere medische details delen. Dit volgt uit het medisch beroepsgeheim en de richtlijnen van de KNMG. Schending hiervan is een ernstige overtreding.
4. Onjuiste of misleidende rapportage
In het verslag van het gesprek staan dingen die niet kloppen. De bedrijfsarts schrijft dat je hebt gezegd dat je je beter voelt, terwijl je het tegenovergestelde hebt gezegd. Of er staan conclusies in het rapport die niet volgen uit het gesprek.
De norm: De rapportage van een bedrijfsarts moet een waarheidsgetrouwe weergave zijn van het onderzoek en de bevindingen. De arts moet onderscheid maken tussen feiten, eigen waarnemingen en conclusies. Onjuiste rapportage ondermijnt het vertrouwen in de beroepsgroep en kan ernstige gevolgen hebben voor de werknemer.
5. Belangenverstrengeling
De bedrijfsarts laat zich leiden door de belangen van de werkgever in plaats van een onafhankelijk medisch oordeel te geven. De werkgever wil dat je weer aan het werk gaat, en de bedrijfsarts levert het gewenste oordeel. Of de arts negeert je klachten omdat dat beter uitkomt voor het verzuimbeleid van het bedrijf.
De norm: Een bedrijfsarts moet onafhankelijk oordelen. De arts wordt weliswaar betaald door de werkgever (via de arbodienst), maar het medisch oordeel moet onafhankelijk zijn van de wensen van de werkgever. De KNMG-richtlijnen en de Arbowet zijn hier duidelijk over: de professionele autonomie van de arts is niet onderhandelbaar.
6. Niet luisteren naar de werknemer
De bedrijfsarts laat je niet uitpraten, negeert wat je zegt, of neemt je klachten niet serieus. Je voelt je niet gehoord en het oordeel weerspiegelt niet wat je hebt verteld.
De norm: Een bedrijfsarts moet de werknemer serieus nemen en voldoende tijd en ruimte bieden om klachten te uiten. Aandachtig luisteren is een kernvaardigheid van elke arts. Een oordeel dat tot stand is gekomen zonder de werknemer behoorlijk te horen, is onzorgvuldig. Het tuchtcollege heeft meerdere malen geoordeeld dat het niet serieus nemen van de klachten van de werknemer tuchtrechtelijk verwijtbaar is.
7. Medische fouten in de beoordeling
De bedrijfsarts maakt een fout in de medische beoordeling. Een verkeerde inschatting van de ernst van de klachten, het niet herkennen van symptomen, of het trekken van conclusies die medisch niet houdbaar zijn.
De norm: Een bedrijfsarts hoeft niet onfeilbaar te zijn. Maar het oordeel moet voldoen aan de standaard van een redelijk bekwaam en redelijk handelend bedrijfsarts. Als de beoordeling duidelijk afwijkt van wat een gemiddelde bedrijfsarts in dezelfde situatie zou concluderen, kan dat tuchtrechtelijk verwijtbaar zijn.
8. Onvoldoende dossiervoering
De bedrijfsarts houdt het dossier niet goed bij. Er ontbreken verslagen, de aantekeningen zijn onvolledig, of het is onduidelijk waarop het oordeel is gebaseerd. Als je je dossier opvraagt, is het een rommeltje.
De norm: Een arts is verplicht om een deugdelijk dossier bij te houden. Dit volgt uit de WGBO (Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst). Het dossier moet inzichtelijk maken welk onderzoek is verricht, welke bevindingen er zijn, en hoe het oordeel tot stand is gekomen. Onvoldoende dossiervoering maakt het onmogelijk om het handelen van de arts te toetsen en is daarom tuchtrechtelijk verwijtbaar.
9. Schending van het beroepsgeheim
De bedrijfsarts deelt informatie uit het medisch dossier met derden zonder jouw toestemming. Dit gaat verder dan het delen van informatie met de werkgever — het kan ook gaan om het delen van gegevens met collega-artsen, verzekeraars of andere partijen zonder dat daar een wettelijke grondslag voor is.
De norm: Het medisch beroepsgeheim is een van de hoekstenen van de gezondheidszorg. Een arts mag alleen met uitdrukkelijke toestemming van de patient of op grond van een wettelijke uitzondering informatie delen met derden. Schending van het beroepsgeheim wordt door het tuchtcollege zeer serieus genomen en leidt regelmatig tot zware maatregelen.
10. Weigeren informatie te delen met de werknemer
Je vraagt om je dossier, om het verslag van het gesprek, of om uitleg over het oordeel, maar de bedrijfsarts weigert of reageert niet.
De norm: Je hebt recht op inzage in je medisch dossier. Dit is wettelijk vastgelegd in de WGBO. De bedrijfsarts is verplicht om je op verzoek een kopie te verstrekken van alle gegevens in je dossier. Ook moet de arts bereid zijn om het oordeel toe te lichten en uit te leggen hoe dat tot stand is gekomen. Weigering om informatie te delen is een schending van de patientenrechten.
Wat je hiermee kunt doen
Als je een van deze situaties herkent, heb je mogelijk grond voor een tuchtklacht. Het belangrijkste is dat je je klacht kunt onderbouwen met bewijs. Hoe concreter je kunt aantonen wat er is gebeurd, hoe sterker je zaak.
Zoek op tuchtrecht.overheid.nl naar uitspraken die bij jouw situatie passen. Lees hoe het tuchtcollege in vergelijkbare zaken heeft geoordeeld. Dat geeft je houvast bij het formuleren van je eigen klacht.
Bewijs begint bij het gesprek
Het gesprek met de bedrijfsarts is waar het gebeurt. Daar vallen de woorden die later in het dossier terechtkomen — of juist niet. Een opname van dat gesprek is het meest directe bewijs dat je kunt hebben.
Met ChatSafe maak je van je opname een nauwkeurig transcript dat je kunt gebruiken als bewijsstuk in je tuchtklacht. Je kunt het transcript ook doorzoeken en er vragen over stellen, zodat je precies kunt terugvinden wat er is gezegd.
Bescherm jezelf met een opname
Met ChatSafe transcribeer je gesprekken snel en goedkoop. Vanaf €0,25 per uur, geen abonnement nodig.
Gratis starten