Angststoornis en re-integratie: als je niet naar kantoor kunt
Angststoornis en re-integratie: als je niet naar kantoor kunt
Je hebt een angststoornis. De gedachte aan het kantoor — de mensen, de openbare ruimte, het reizen — bezorgt je paniek. En dan zegt de bedrijfsarts dat je moet beginnen met re-integreren. Op locatie. Een paar uur per week.
Voor veel mensen met een angststoornis is dat onmogelijk. Niet omdat ze niet willen werken, maar omdat de omgeving waarin ze moeten werken precies de angst triggert die hen ziek heeft gemaakt.
Het verschil tussen niet willen en niet kunnen
Dit onderscheid is fundamenteel. De bedrijfsarts beoordeelt je belastbaarheid: wat kun je wel en wat kun je niet? Als je een angststoornis hebt waardoor je niet naar een kantoor kunt reizen of niet in een groep kunt functioneren, dan is dat een beperking. Net zo reeel als een gebroken been waardoor je niet kunt lopen.
Het probleem is dat angst minder zichtbaar is dan een gebroken been. Je ziet er “normaal” uit. Je kunt praten. Je kunt nadenken. Dus de conclusie is al snel: je kunt werken.
Maar werken op locatie is iets anders dan werken. Als het reizen naar kantoor een paniekaanval veroorzaakt, is dat een functionele beperking die de bedrijfsarts moet meewegen.
Thuiswerken als redelijke aanpassing
De Wet Gelijke Behandeling op grond van handicap of chronische ziekte verplicht werkgevers om doeltreffende aanpassingen te treffen. Als thuiswerken een aanpassing is waarmee je kunt re-integreren, moet je werkgever dat serieus overwegen.
Zeker sinds de pandemie is thuiswerken voor veel functies een realistische optie. Als je werkgever thuiswerken weigert terwijl het voor je functie mogelijk is, dan moet daar een goede reden voor zijn.
Concreet betekent dit:
- Als je werk achter een computer plaatsvindt, is thuiswerken vaak mogelijk.
- De bedrijfsarts kan in het advies opnemen dat re-integratie vanuit huis de voorkeur heeft.
- Je werkgever mag niet zomaar eisen dat je op kantoor verschijnt als je dat vanwege je angststoornis niet kunt.
Wat de bedrijfsarts moet doen
De bedrijfsarts heeft een plicht om je beperkingen zorgvuldig vast te stellen. Bij een angststoornis betekent dat:
Vragen naar de specifieke angstklachten. Niet alleen “kun je werken?” maar ook “kun je reizen?”, “kun je in een groep zijn?”, “kun je in een kantooromgeving functioneren?”
De beperkingen concreet beschrijven. In de probleemanalyse en het advies moeten de beperkingen staan die voortkomen uit de angststoornis. Als de arts dit niet doet, worden die beperkingen onzichtbaar voor je werkgever.
Rekening houden met je behandeling. Als je in behandeling bent — bij een psycholoog, psychiater of via een angsttherapie — dan moet de re-integratie daarop worden afgestemd. Je kunt niet tegelijkertijd intensieve therapie volgen en re-integreren alsof er niets aan de hand is.
Als de bedrijfsarts je beperkingen niet erkent
Het komt voor dat bedrijfsartsen angststoornissen onderschatten. “Probeer het maar, dan merk je dat het meevalt” is een zin die je nooit van een bedrijfsarts zou moeten horen. Angst is geen gebrek aan durf. Het is een medische aandoening.
Als je bedrijfsarts je beperkingen niet serieus neemt, heb je opties:
Vraag een second opinion aan. Een onafhankelijke bedrijfsarts beoordeelt je situatie opnieuw. De kosten zijn voor je werkgever.
Vraag een deskundigenoordeel aan bij het UWV. Dit kost 100 euro en geeft een onafhankelijk oordeel over je belastbaarheid. Het deskundigenoordeel weegt zwaar in verdere procedures.
Betrek je behandelaar. Als je psycholoog of psychiater vindt dat werken op locatie niet haalbaar is, vraag dan om een schriftelijke verklaring. De bedrijfsarts kan dit meenemen in het oordeel.
Stapsgewijze opbouw
Re-integratie bij een angststoornis vraagt om een heel geleidelijke opbouw. Het kan beginnen met een half uur werken vanuit huis. Dan langzaam uitbreiden. Op een gegeven moment misschien een keer per week kort naar kantoor, in overleg met je behandelaar.
Het tempo moet passen bij je behandeling en je draagkracht. Als een stap te groot is, mag je terugschakelen. Dat is geen mislukking — dat is onderdeel van het herstelproces.
Werkgevers willen soms sneller dan je aankan. De druk om “er weer te zijn” kan groot zijn. Maar overhaaste re-integratie bij een angststoornis leidt vaak tot terugval. En een terugval kost uiteindelijk meer tijd dan een geleidelijke opbouw.
Documenteer alles
Bij angststoornissen is documentatie extra belangrijk. Je beperkingen zijn onzichtbaar. Je werkgever ziet niet wat er in je hoofd gebeurt als je denkt aan het kantoor. Het enige wat telt in juridische zin, is wat er op papier staat.
Stuur na elk gesprek met je werkgever een e-mail met een samenvatting: “Naar aanleiding van ons gesprek bevestig ik dat ik heb aangegeven niet in staat te zijn om op kantoor te werken vanwege mijn beperkingen.”
En neem je gesprekken met de bedrijfsarts op. In Nederland mag dat. Je hoeft geen toestemming te vragen.
Met ChatSafe maak je snel een transcript van je opname. Je kunt daarna gericht zoeken naar wat er is besproken over je beperkingen, thuiswerken of de opbouw. Dat transcript is je bewijs — en bij een angststoornis is bewijs opbouwen precies wat je beschermt als het erop aankomt.
Bescherm jezelf met een opname
Met ChatSafe transcribeer je gesprekken snel en goedkoop. Vanaf €0,25 per uur, geen abonnement nodig.
Gratis starten